De vraag die niet wordt gesteld
De Volkskrant publiceerde een uitgebreid stuk over hoe ouders met vierjarigen kunnen praten over genderidentiteit. De kop begint met 'hoe' — niet met 'óf'. De vraag of het zinvol of verantwoord is om vierjarigen te confronteren met het concept van een genderidentiteit die losstaat van hun biologische lichaam, wordt niet gesteld. De aanname is dat dit gesprek gevoerd móét worden. Alleen de techniek staat ter discussie.
Ideologie als neutrale opvoedwijsheid
Omstreden gendertheorie — dat mensen een innerlijke genderidentiteit hebben die losstaat van biologisch geslacht — wordt in het artikel gepresenteerd als neutrale opvoedwijsheid. Er is geen wetenschappelijk consensus over deze theorie. Ontwikkelingspsychologen wijzen erop dat de meeste kinderen die genderatypisch gedrag vertonen, dit niet voortzetten. Genderdysfore gevoelens lossen bij de meerderheid vanzelf op. Dat staat niet in het artikel.
Honderdduizenden gezinnen
De Volkskrant bereikt honderdduizenden lezers. Als de meest gelezen krant van Nederland ideologie als advies presenteert — zonder tegengeluid, zonder wetenschappelijke context, zonder de vraag of dit gesprek op vierjarige leeftijd nodig of wenselijk is — is dat geen journalistiek. Het is advocacy voor een specifiek standpunt, vermomd als neutrale gezondheidsrubriek.
Genderstabiliteit versus genderidentiteit
Kinderen leren vroeg dat geslacht stabiel is: een jongen blijft een jongen, een meisje blijft een meisje. Dat is genderstabiliteit — een ontwikkelingspsychologisch begrip. Dat is iets anders dan de claim dat kinderen een innerlijke genderidentiteit hebben die kan afwijken van hun biologie en die bevestigd moet worden. De Volkskrant vermengt deze twee begrippen. Dat is geen vergissing. Het is het punt.