Waarom het kader van 2021 mislukte
Het IOC-kader van 2021 delegeerde toelatingsbeslissingen aan individuele sportbonden en vereiste bewijs van voordeel alvorens uitsluiting te overwegen — in plaats van bewijs van eerlijkheid voor deelname. Dit bleek onwerkbaar: bonden die rigoureuze studies uitvoerden kwamen tot tegengestelde conclusies, waarna World Rugby, World Aquatics en World Athletics allemaal gesloten vrouwencategorieën invoerden. De Paris 2024-bokscrisis — waarbij twee atletes die eerder door de IBA waren gediskwalificeerd toch goud wonnen — blootlegde het gebrek aan verdedigbare toelatingsregels.
Nieuwe leiding, nieuwe richting
Kirsty Coventry, een voormalig Zimbabwaans zwemster en tweevoudig olympisch kampioen, nam in juni 2025 het IOC-voorzitterschap over en stelde bescherming van de vrouwencategorie direct centraal — taal die geen eerdere IOC-voorzitter expliciet had gebruikt. Het driedelige beleidskader stelt: bescherming van de vrouwencategorie als leidend principe, herneming van regelgevende autoriteit via uniforme normen, en wetenschapsgebaseerde criteria ontwikkeld door expertgroepen.
Wetenschappelijke basis
Onderzoek sinds 2020 toont aan dat de mannelijke puberteit onomkeerbare fysiologische voordelen creëert: skeletstructuur, cardiale capaciteit en spiersamenstelling blijven aanzienlijk ondanks hormoononderdrukking, met prestatieverschillen van doorgaans circa 10 procent.
Onopgeloste vraagstukken
Nog onopgeloste kwesties zijn onder meer: of puberteitscriteria dan wel chromosomale testen de norm worden, hoe lichamelijke integriteitsschendingen worden voorkomen, en hoe DSD-gevallen (verschillen in geslachtsontwikkeling) los van transgenderatleten worden behandeld. De beleidsomslag is helder; de uitwerking vergt nog jaren.