Gendergekte / Onderwerpen / Hij, zij, die, hen: de taal als ideologisch wapen

De Radar-uitzending

AVROTROS Radar besteedde aandacht aan het gebruik van voornaamwoorden: hij, zij, die, hen. De boodschap was helder — goede voornaamwoorden zijn respect. Wie dat niet doet, kwetst. Maar de uitzending stelde de fundamentele vraag niet: waar komen deze categorieën vandaan, en wie bepaalt dat ze correct zijn?

Taal weerspiegelt werkelijkheid, niet identiteit

Voornaamwoorden zijn in het Nederlands — zoals in vrijwel elke taal — historisch gekoppeld aan biologisch geslacht. De verschuiving naar 'die' en 'hen' voor individuen is geen organische taalevolutie, maar een gerichte campagne vanuit activistische hoek die institutionele steun heeft gekregen. Een handvol mensen die zich non-binair voelen kan de grammaticastructuur van een taal niet veranderen puur op basis van gevoel.

Validatie als dwang

De redenering dat het niet gebruiken van iemands voorkeursvoornaamwoord automatisch kwetsend is, herschrijft de definitie van respect. Respect wordt omgevormd van 'iemand fatsoenlijk behandelen' naar 'iemands subjectieve zelfopvatting als objectieve waarheid bevestigen'. Dat is een fundamenteel andere eis — en het is een eis die men normaal aan niemand stelt. Je hoeft niet te geloven dat iemand slim is om hem fatsoenlijk te behandelen.

Institutionele normalisering

Van Radar tot UMC Utrecht, van ministeries tot basisscholen: de pronomenagenda wordt langs alle kanalen tegelijk uitgerold. Dat is geen spontane maatschappelijke evolutie. Het is een gecoordineerde campagne waarbij emotionele retoriek — 'kwetsen', 'uitwissen', 'onveilig maken' — de plaats inneemt van het debat over de vraag of de claim klopt.